De wet herziening partneralimentatie komt eraan!


Er wordt in de Tweede Kamer al een paar jaar gewerkt aan een initiatief-wetsvoorstel van de VVD, PvdA en D66 over regels omtrent de partneralimentatie. Wat begon als een heel ingrijpende herziening van de bestaande wetgeving is, na veel kritiek van o.a. de Raad van State, door de indieners afgezwakt tot een wijziging met een veel bescheidener omvang. Niettemin zijn de gevolgen van het wetsvoorstel voor zowel betalers als ontvangers van partneralimentatie aanzienlijk.

Voor wie geïnteresseerd is in hoe het wetsvoorstel er oorspronkelijk uit zag, kan hier en hier twee opinieartikelen lezen die ik samen met familierechtadvocaat Ingrid Vledder publiceerde in de Volkskrant en Trouw. Een artikel van onze hand waarin wordt ingegaan op het gewijzigde wetsvoorstel is hier te vinden.

Het wetsvoorstel in zijn huidige vorm gaat vooral over de duur van de partneralimentatie. Het voorstel regelt dat de duur van de partneralimentatie de helft bedraagt van de duur van het huwelijk, met een maximum van 5 jaar. Dus, na een huwelijk van 8 jaar is er gedurende 4 jaar een recht op partneralimentatie; na een huwelijk van 14 jaar is er gedurende 5 jaar een recht op partneralimentatie. Op deze hoofdregel maakt de wet twee uitzonderingen, voor langdurige huwelijken en voor huwelijken met jonge kinderen. Bij huwelijken van langer dan 15 jaar, waarbij de leeftijd van de alimentatiegerechtigde ten hoogste 10 jaar lager is dan de AOW-leeftijd, is de duur maximaal 10 jaar. Bij huwelijken met kinderen die jonger zijn dan 12 jaar, is de duur maximaal 12 jaar (namelijk tot het jongste kind 12 jaar oud geworden is). Als een huwelijk strandt als het jongste kind 5 jaar oud is, is de partneralimentatieduur dus maximaal 7 jaar. De wet voorziet in een hardheidsclausule op grond waarvan de termijn verlengd kan worden.

Te verwachten valt dat met name voor alimentatiegerechtigden (bijna altijd vrouwen) in de leeftijdscategorie 45-57 jaar deze wetswijziging ingrijpende gevolgen gaat hebben. Als zij tijdens het huwelijk lange tijd niet of parttime hebben gewerkt, zullen zij het moeilijk krijgen om binnen 5 jaar weer volledig economisch zelfstandig te worden. Het valt te verwachten dat er in de toekomst hierdoor flink meer vrouwen in de bijstand zullen belanden. De hardheidsclausule is zo geformuleerd dat gevreesd moet worden dat een beroep daarop zelden zal slagen.

Op 5 september organiseerde de Vereniging voor Vrouw en Recht (VVR) een bijeenkomst om Tweede Kamerleden en andere belangstellenden te informeren over de mogelijke gevolgen van de wet. Ingrid Vledder en ik namen deel aan de bijeenkomst om ervaringen vanuit de rechtspraktijk te delen. Zie hier de brief van de VVR aan de Kamer met een samenvatting van wat er bij de bijeenkomst is besproken. Ik hoop dat de Kamer de suggesties van de VVR voor aanpassing van het wetsvoorstel serieus neemt; ik denk dat met een verruiming van de hardheidsclausule veel schrijnende effecten van de wet te ondervangen zijn.

Het wetsvoorstel is afgelopen juni in eerste termijn in de Tweede Kamer besproken. Verwacht wordt dat de verdere behandeling niet heel lang op zich zal laten wachten. Omdat het wetsvoorstel politiek op brede steun kan rekenen, betekent dat dat het wetsvoorstel zomaar binnen een paar maanden door de Tweede en Eerste Kamer kan zijn.

Voor wie op dit moment een scheiding overweegt, is dat belangrijke informatie. Verwacht je recht te hebben op partneralimentatie, zorg dan dat het echtscheidingsverzoek is ingediend voordat het wetsvoorstel wet wordt – dan blijven de huidige termijnen gelden. Verwacht je partneralimentatie te moeten betalen, dan kun je beter even wachten met je verzoekschrift totdat de wet van kracht is geworden.

RECENT POSTS:
SEARCH BY TAGS: